In gesprek: de juiste vorm vinden

Klanten van zorgorganisaties hebben een stem in het zorgaanbod. Zij worden vertegenwoordigd door cliëntenraden. Hun inbreng is geregeld in de Wet medezeggenschap cliënten zorginstellingen (Wmcz). De rol van cliëntenraden verandert echter. Rob Kox, manager Langdurige Zorg van Zorgkantoren Coöperatie VGZ gaat in gesprek met Arie Epskamp, voorzitter van de Centrale Cliëntenraad van Omring.

De juiste vorm vinden 

Nieuwe rol

Kox is binnen Zorgkantoren Coöperatie verantwoordelijk voor Zorginkoop, Klantadvies en PGB Huisbezoeken. Hij is dan ook geïnteresseerd in een goede samenwerking met cliëntenraden. Kox: “De cliëntenraad vertegenwoordigt een brede groep klanten als het gaat om het inkoopproces? Wil je dat als cliëntenraad eigenlijk wel?”
Epskamp: “Jazeker, vanuit onze verantwoordelijkheid willen we een brede groep klanten vertegenwoordigen. In onze Centrale Cliënten Raad (CCR) is daarom ook een brede groep klanten vertegenwoordigd. In het Dagelijks Bestuur (DB) van onze CCR zijn alle disciplines aanwezig. Binnenkort zal blijken hoe de cliëntenraad in zijn rol gegroeid is.”
Kox: “Wat bedoel je met binnenkort?”
Epskamp: “Binnen een maand of vier is de evaluatie van het hele inkoopproces rond. Dan kunnen we bekijken: hoe ging het en wat leren we ervan? Het was voor ons de eerste keer en we hadden vrij weinig tijd voor goede voorbereiding. Ik denk dat we binnen de mogelijkheden hebben gedaan wat we konden.”
Kox: “Je stapte in een nieuwe rol. Hoe heb je die opgepakt?”
Epskamp: “Het valt niet mee om in zo’n korte tijd een belangrijk proces als de zorginkoop goed te doorgronden. Gelukkig hebben we van alle kanten hulp gekregen. En we zijn vooral zelf op pad gegaan om kennis te vergaren. Onder meer door gesprekken te voeren met het zorgkantoor en met de Raad van Bestuur (RvB) van Omring. Ook hebben we contact gezocht met het zorgkantoor met de vraag “wat verwachten jullie nu van ons”.
Kox: “Voel je je gehoord als cliëntenraad?”
Epskamp: “Wij voelen ons zeer gehoord. Dat komt door de houding van onze RvB die ons als vanzelfsprekend op de hoogte houdt. We hebben ons tweemaandelijks formele contact. Daarnaast is er het zogenaamde BOT-overleg (Benen Op Tafel), zonder een vooraf vastgestelde agenda. Dat zijn zeer waardevolle bijeenkomsten.”
Kox: “En de werkrelatie met het zorgkantoor?”
Epskamp: “We hebben als DB CCR een uitstekend contact met jullie zorgkantoor in Alkmaar. Er is ruimte om “ons ei” kwijt te kunnen. De medewerkers zijn altijd beschikbaar om de informatie te geven die we nodig hebben. We hebben toch een gezamenlijk belang. Je kunt wel zeggen: de een verstrekt de munten en de ander maakt ze op, maar het gaat ons allebei om de cliënt.”
Het gaat ons allebei om de cliënt


Inkoopgesprekken

Kox: “Zijn jullie bij de inkoopgesprekken aanwezig geweest?”
Epskamp: “Ja, daar waren we nu voor ’t eerst bij. Om te beginnen bij de eerste technische inkoopvraag. Er was maximale openheid over wat we aan het doen zijn. Dat heb ik als positief ervaren. Ieder moet goed z’n rol weten.”
Kox: ”Kun je al iets zeggen over wat het heeft opgeleverd?”
Epskamp: “Op dit moment hebben we daar nog onvoldoende zicht op. Wel blijkt uit de contacten dat het voor zowel het zorgkantoor als de cliëntenraden zo’n eerste jaar nog zoeken is. We hebben er vertrouwen in dat we elkaar steeds beter weten te vinden.”
Informatiebijeenkomst
Kox: “Enkele weken geleden organiseerden we een regionale informatiebijeenkomst met cliëntenraden. Hoe waardeert u de opzet van die bijeenkomst?”
Epskamp: “Bij die bijeenkomsten bleek een sterk uiteenlopend gezelschap te komen: cliëntenraden die nauwelijks inzicht hadden in de materie en cliëntenraden die zeer goed voorbereid waren. Dat maakt het voor de begeleiders van zo’n bijeenkomst lastig, lijkt mij. Elke cliëntenraad vertegenwoordigt een specifieke groep cliënten die op een bepaalde manier in de maatschappij staat. Alleen daarin zitten al grote verschillen.”
Kox: “Wat zou naar uw mening een volgende bijeenkomst beter maken?”
Epskamp: “De ene cliëntenraad is de andere niet. Maar verschillende vorm van zorg verschillen ook, net als het type cliënt. Wellicht dat de samenstelling van de groepen zich meer zou moeten richten op de aard van de zorg. Dan kun je je richten op de overeenkomsten binnen een groep met specifieke zorg.”


Zorg thuis

Kox: “De doelgroep wordt nog breder. Zorg thuis wordt steeds belangrijker. Op welke manier vertegenwoordigt de cliëntenraad de toekomstige Wlz-klant die thuis zorg ontvangt?”
Epskamp: “Vooralsnog ga ik ervan uit dat wij onze thuiszorgvertegenwoordigers in de CCR zullen zien als de behartiger van de Wlz met thuiszorg. Het uitgangspunt van onze CCR is dat iedere klant een passend (Wlz) zorgaanbod kan krijgen, onafhankelijk van de locatie. Met onze RvB zijn wij steeds in gesprek over hoe dat gerealiseerd kan worden. Zodat mensen naast de “keuze” voor een intramurale setting (zoals de voormalige verpleeghuizen) ook de volledige zorg op maat kunnen krijgen in de voormalige verzorgingshuizen, maar ook via de Volledig Pakket Thuis en Modulair Pakket Thuis setting.”
Kox: “Wat vraagt dat van een cliëntenraad?”
Epskamp: “Om ons zo goed mogelijk op deze verandering voor te bereiden, zullen we ons moeten scholen. Op dit moment is het nog zoeken naar de juiste vorm. De procedure is geheel nieuw.”
Het wordt tijd dat de ondergestofte wet eindelijk eens de finish haalt


Werken aan cliëntbelang

Kox: “Een cliëntenraad kan invloed uitoefenen. Bij het formuleren van beleid op ZN-niveau kunnen zij input geven aan branche- en/of cliëntenorganisaties. Is een cliëntenraad zich daarvan bewust?”
Epskamp: “De CCR van Omring is zich dat terdege bewust. Daarom bezoeken wij zo veel mogelijk bijeenkomsten van branche- en/of cliëntenorganisaties. Daarnaast spreken wij als DB van de CCR regelmatig met vertegenwoordigers van politieke partijen en de Tweede Kamer.”
Cliëntenraden en Zorgkantoren Coöperatie VGZ beoordelen beide (in onderlinge afstemming) de ontwikkel- en verbeterplannen van de zorgaanbieders op de thema’s: basis versterken, persoonsgerichte zorg en samenhangende zorg. Kox: “Zijn de plannen duidelijk genoeg om ze goed te kunnen beoordelen en wat leveren deze beoordelingen op?”
Epskamp: “Wij zijn positief over de presentatie van de verbeterplannen. We spreken erover met de zorgaanbieder. De verbeterplannen staan op onze bespreekagenda met zowel de CCR als de RvB. Samen houden we daar de bekende vinger aan de pols. Ook onze lokale cliëntenraden voorzien de CCR van informatie.”
Kox: “Op welke manier stelt u als de CR de cliënten daarvan op de hoogte? Hoe communiceert de CR met haar cliënten?”
Epskamp: “Onze cliëntenvergaderingen zijn openbaar, ze hebben hun huisblad en lokaal spreekuur. Wij verzorgen eigen communicatie naast de officiële kanalen van Omring zelf natuurlijk.”


Wmcz

Kox: “In welke mate bent u tevreden met de nieuwe rol die cliëntenraden nu hebben?”
Epskamp: “Binnen de huidige setting ben ik tevreden. De nieuwe Wet medezeggenschap cliënten zorginstellingen (Wmcz) brengt andere bevoegdheden en verantwoordelijkheden met zich mee. Daarbij neem ik aan dat de inmiddels steeds verder uitgeklede en ondergestofte wet eindelijk een keer de finish gaat halen. Maar ik heb geen zicht op wat er op dit moment ligt. Ik kan 1001 redenen verzinnen waarom er andere prioriteiten zijn, maar het zou goed zijn als er duidelijkheid over de wet komt.”
Kox: “Welke ideeën heeft de cliëntenraad om behartiging van cliëntbelang beter of anders te vertegenwoordigen bij zorginkoop?
Epskamp: “In ieder geval moeten we eerder met het proces starten. Nu loop je hijgend door het proces. Deels door tijdgebrek en deels nog door de onbekendheid met de materie.”
Kox: “Die nemen we mee voor het inkoopproces van het komende jaar. Die haast was eenmalig. Vanaf nu kunnen we daar gezamenlijk aan werken.”
Epskamp: “Je zou kunnen zeggen dat we het eerste trainingskamp hebben gehad, nu komt de echte wedstrijd.”