Verduidelijking hardheidsclausule

30-09-2021
Zorgkantoren hebben naar aanleiding van de zitting van 28 september jl. gemerkt dat zorgaanbieders het begrip onvoorzien in relatie tot de hardheidsclausule verschillend interpreteren. Hierbij verduidelijken wij daarom hoe dit begrip moet worden gelezen.
 
In de aanvulling inkoopdocumenten 2022 staat dat de hardheidsclausule kan worden aangevraagd als de gehanteerde tariefsystematiek een voor uw organisatie onvoorzien en onredelijk benadelend gevolg heeft. 
 
Hiermee wordt bedoeld dat in een specifieke situatie voor een individuele aanbieder door toepassing van de tariefsystematiek (landelijk richttariefpercentage en regionale aanpassingsmogelijkheden) een onredelijk benadelend effect optreedt. De term onvoorzien wordt hier dus uitgelegd als onvoorzien, in de zin van onverwacht effect van de tariefsystematiek. Voor meer informatie over de hardheidsclausule verwijzen wij u naar het inkoopbeleid en de bijbehorende documenten waaronder de NvI. In de NvI waaronder VID 0526 leest u waar zorgkantoren naar kijken bij de beoordeling van de aanvraag hardheidsclausule.
 
Wij willen hierbij benadrukken dat deze verduidelijking geen gevolgen heeft voor het proces rondom de hardheidsclausule. Zoals eerder al gecommuniceerd kunnen alle aanbieders (V&V, GZ en GGZ) tot uiterlijk 22 oktober aangeven of zij in aanmerking willen komen voor deze clausule. Indien u vragen heeft over de hardheidsclausule en het proces daaromtrent stuur dan een mail naar Inkoopwlz@vgz.nl. VGZ streeft ernaar om eventuele vragen binnen vijf werkdagen te beantwoorden.