Wij krijgen regelmatig vragen over schade na een ongeval of diefstal van mobiliteitshulpmiddelen. Bij schade of diefstal berekent het zorgkantoor de restwaarde van het hulpmiddel. Deze restwaarde brengen wij in rekening bij de zorgaanbieder.
De zorgaanbieder is verantwoordelijk voor het mobiliteitshulpmiddel vanaf het moment van uitlevering tot het moment dat de depothouder het hulpmiddel weer inneemt.
In deze periode is de zorgaanbieder verplicht het hulpmiddel goed te verzekeren. De verzekering moet dekking bieden voor wettelijke aansprakelijkheid (WA) en schade die niet onder de WA-verzekering valt. De kosten betaalt de zorgaanbieder uit eigen budget.
Deze verplichting geldt eveneens voor elektrische mobiliteitshulpmiddelen en mobiliteitshulpmiddelen met elektrische duwondersteuning of hulpmotor. Het gaat om hulpmiddelen die bovenbugettair zijn vergoed vanuit de Wlz.
Kosten door schade of diefstal mogen nooit aan de cliënt worden doorbelast.